arrow close icon-chevron-left icon-chevron-right icon-twitter icon-facebook icon-linkedin icon-zoom icon-trash icon-user icon-cart icon-search icon-chat
Vervoerrecht Verpakking, Bijzondere risico´s

Vraag uit de praktijk: wie is verantwoordelijk voor juiste verpakking van de goederen?

Vraag:

Wij zijn leverancier van autoruiten. Deze autoruiten zijn schadegevoelig en er ontstaat dan ook met enige regelmaat schade aan de autoruiten tijdens het transport naar de garagebedrijven. De ruiten zijn beschermd door middel van een verpakking (schuimrand om de ruit heen en transparant folie over de ruit) welke standaard door autofabrikanten wordt gehanteerd. Ondanks onze voorzorgen is er toch tijdens het vervoer schade ontstaan aan de autoruiten. Onze vervoerder claimt dat deze autoruiten niet onder de AVC condities vallen en derhalve niet vergoed worden conform de AVC (€  3.40 per kg.)

Kan de vervoerder met een beroep op de AVC onze schadeclaim afwijzen?

 

Antwoord:

Keuze van verpakkingsmateriaal

De keuze van verpakkingsmateriaal voor het transport van kwetsbare goederen dient vakkundig te gebeuren. In principe is de afzender de aangewezen partij om zorg te dragen voor de juiste verpakking. Als opslag en transport uitbesteed zijn, en de goederen als onderdeel van de logistieke dienstverlening opnieuw worden verpakt of omgepakt in andere hoeveelheden, ligt dit soms anders.

Er bestaat in de AVC noch in het Burgerlijk Wetboek een uitzondering voor autoruiten. Wel zijn er bepalingen over bijzondere risico’s. Als goederen door hun aard kwetsbaar zijn, dan kan het zijn dat de schade verband houdt met die kwetsbaarheid en niet door de vervoerswerkzaamheden zijn veroorzaakt. In dat geval kan de vervoerder zich beroepen op "tenzij" in de zin van: De vervoerder is aansprakelijk voor de schade gedurende periode dat de goederen onder zijn hoede waren, tenzij hij kan aantonen dat de schade niet aan het vervoer was te wijten. Maar als de autoruiten op een hoogwaardige manier zijn verpakt tegen breuk en krassen, dan zal de vervoerder niet makkelijk kunnen aantonen, dat de schade toch aan de kwetsbaarheid van het glas heeft gelegen.

Hoe is dit verwoord in de AVC?

In de AVC gaat het om artikel 11 en 12.

In artikel 11 vindt u een opsomming van bijzondere risico’s, waarbij ook het onderwerp “verpakking” aan de orde komt. In de openingszin van het artikel staat dat de vervoerder in principe aansprakelijk is voor fouten of vertraging bij het uitvoeren van de vervoersopdracht, tenzij de schade ligt aan de bijzondere risico's opgesomd onder a tot g.

In het geval van de autoruiten gaat het met name om de kwaliteit van de verpakking in verhouding tot de kwetsbaarheid van deze ruiten. In artikel 11 sub b staat dat de verpakking voldoende moet zijn voor de aard van de goederen of de wijze van vervoer. De aard van de goederen heeft betrekking op breekbaarheid of bederfelijkheid enz. De wijze van vervoer gaat over het materieel dat gebruikt wordt, bijvoorbeeld open wagens, of distributievervoer, waarbij dozen steeds in de wagen verplaatst moeten worden. 

Artikel 11 Bijzondere risico’s

Onverminderd artikel 10 is de vervoerder, die de op hem uit hoofde van de artikel 9 leden 2 en 3 rustende verplichtingen niet nakwam, desalniettemin voor de daardoor ontstane schade niet aansprakelijk, voor zover dit niet nakomen het gevolg is van de bijzondere risico’s verbonden aan een of meer van de volgende omstandigheden:

  • a) het vervoer van de zaken in een onoverdekt voertuig, wanneer dit uitdrukkelijk is overeengekomen en op de vrachtbrief is vermeld; 
  • b) ontbreken of gebrekkigheid van de verpakking van de zaken die gelet op hun aard of de wijze van vervoer voldoende verpakt hadden moeten zijn; 
  • c) behandeling, lading, stuwing of lossing van de zaken door de afzender, de geadresseerde of personen, die voor rekening van de afzender of de geadresseerde handelen; 
  • d) de aard van bepaalde zaken zelf, die door met deze aard zelf samenhangende oorzaken zijn blootgesteld aan geheel of gedeeltelijk verlies of aan beschadiging, in het bijzonder door ontvlamming, ontploffing, smelting, breuk, corrosie, bederf, uitdroging, lekkage, normaal kwaliteitsverlies of optreden van ongedierte of knaagdieren; 
  • e) hitte, koude, temperatuurverschillen of vochtigheid van de lucht, doch slechts indien niet is overeengekomen dat het vervoer zal plaatsvinden met een voertuig speciaal ingericht om de zaken aan invloed daarvan te onttrekken; 
  • f) onvolledigheid of gebrekkigheid van de adressering, cijfers, letters of merken der colli; 
  • g) het feit dat het vervoer een levend dier betreft.

In artikel 12 wordt het verband gelegd tussen de bijzondere risico's uit artikel 11 en de schade. Het gaat hier met name over de kwestie: welke partij moet bewijs leveren? De vervoerder kan aantonen niet aansprakelijk te zijn door er op te wijzen dat de geclaimde schade veroorzaakt zou kunnen zijn door een bijzonder risico, bijvoorbeeld dat de barst in de autoruit verband kan houden met de kwetsbaarheid van het autoglas. De claimgerechtigde dient vervolgens zijn claim nader te onderbouwen: hij heeft weliswaar een kwetsbaar product meegegeven, namelijk een autoruit, maar deze autoruit was zodanig verpakt dat de barst alleen maar heeft kunnen ontstaan door een verkeerde handelwijze van de vervoerder. Het mag duidelijk zijn, dat de vervoerder hiermee een bewijsvoordeel heeft ten opzichte van de claimgerechtigde.

Artikel 12 Vermoeden van aansprakelijkheid bevrijdende omstandigheden

  1. Wanneer de vervoerder bewijst dat, gelet op de omstandigheden van het geval, het niet nakomen van de op hem uit hoofde van artikel 9 leden 2 en 3 rustende verplichtingen een gevolg heeft kunnen zijn van een of meer der in artikel 11 genoemde bijzondere risico’s, wordt vermoed, dat het niet nakomen daaruit voortvloeit.Degene, die jegens de vervoerder recht heeft op de zaken, kan evenwel bewijzen, dat dit niet nakomen geheel of gedeeltelijk niet door een van deze risico’s is veroorzaakt.
  2. Het hierboven genoemde vermoeden bestaat niet in het in artikel 11 onder a genoemde geval, indien zich een ongewoon groot tekort voordoet dan wel een ongewoon groot verlies van colli.
  3. Indien in overeenstemming met het door partijen overeengekomene het vervoer plaatsvindt door middel van een voertuig, speciaal ingericht om de zaken te onttrekken aan de invloed van hitte, koude, temperatuurverschillen of vochtigheid van de lucht, kan de vervoerder ter ontheffing van zijn aansprakelijkheid ten gevolge van deze invloed slechts een beroep doen op artikel 11 onder d, indien hij bewijst, dat alle maatregelen waartoe hij, rekening houdende met de omstandigheden, verplicht was, zijn genomen met betrekking tot de keuze, het onderhoud en het gebruik van deze inrichtingen en dat hij zich heeft gericht naar de bijzondere instructies bedoeld in het vijfde lid.
  4. De vervoerder kan slechts beroep doen op artikel 11 onder g, indien hij bewijst dat alle maatregelen, waartoe hij normaliter, rekening houdende met de omstandigheden, verplicht was, zijn genomen en dat hij zich heeft gericht naar de bijzondere instructies bedoeld in het vijfde lid.
  5. De bijzondere instructies, bedoeld in het derde en het vierde lid van dit artikel, moeten aan de vervoerder vóór de aanvang van het vervoer zijn gegeven, hij moet deze uitdrukkelijk hebben aanvaard en zij moeten, indien voor dit vervoer een vrachtbrief is afgegeven, daarop zijn vermeld. De enkele vermelding op de vrachtbrief levert te dezer zake geen bewijs op.

Toelichting op de AVC

Wilt u meer voorbeelden van bijzondere risico's zien, dan kunt u deze lezen in het boek Toelichting op de AVC kunt u een en ander verduidelijkt zien https://www.sva.nl/themas/avc-2002/toelichting-op-de-avc

Of in de Weg en Wagen artikelen 

https://www.sva.nl/weg-en-wagen/bijzondere-risicos-vervoerder-niet-aansprakelijk 

https://www.sva.nl/weg-en-wagen/stuwage-en-controle-van-de-stuwage