arrow close icon-chevron-left icon-chevron-right icon-twitter icon-facebook icon-linkedin icon-zoom icon-trash icon-user icon-cart icon-search icon-chat

4. Nationaal transporteren, melden en registreren van afvalstoffen

Afvalstoffen mag u niet zomaar aan een ander afgeven, transporteren of ontvangen. Er gelden belangrijke verplichtingen in het kader van de meld- en registratiesystematiek. Die verplichtingen hangen sterk af van uw (mogelijk wisselende) rol in de afvalketen.

De meld- en registratiesystematiek van afvalstoffen is onder andere vastgelegd in de Wet milieubeheer, het Besluit melden en de Regeling melden. Drie actoren spelen een belangrijke rol: de ontdoener, transporteur en ontvanger van afvalstoffen.

Transporteur

Een transporteur handelt in opdracht (afzender) van degene die zich van afvalstoffen ontdoet (ontdoener), van degene die de afvalstoffen in ontvangst neemt (ontvanger) of van een derde (handelaar of bemiddelaar). De vervoerder krijgt de afvalstoffen niet in eigendom, kan niet zelfstandig over de afvalstoffen beschikken en bepaalt dus niet zelf naar welke verwerker de afvalstoffen worden gebracht. Voor de inzamelaar, die geen gebruikmaakt van route-inzameling of de inzamelaarsregeling, zijn de verplichtingen gelijkgesteld aan die van de vervoerder. 

Opslaan en overslaan

In het kader van de verplichte melding verstaan we onder ‘opslaan’ het tijdelijk in bezit hebben van afvalstoffen. ‘Overslaan’ houdt het volgende in: alle handelingen waarbij afvalstoffen vanuit een opbergmiddel of transportmiddel vrijwel direct in een ander opbergmiddel of transportmiddel worden overgebracht. De maximale duur van overslaan is 48 uur, daarna is er sprake van opslaan. Definities in het nieuwe LAP worden aangepast c.q. nader uitgewerkt. 

4.1 Systematiek van de afvalketen

Ontdoener

De ontdoener verstrekt alle benodigde informatie (aard, eigenschappen, samenstelling en Euralcode) van de afvalstroom aan de ontvanger, die bevoegd is om de afvalstoffen in ontvangst te nemen. Daarnaast verstrekt de ontdoener de overige informatie die nodig is voor het doen van een eerste ontvangstmelding door de ontvanger. Deze informatie wordt vastgelegd in een contract en/of het omschrijvingsformulier.

Uitzonderingen afgifteverbod

Volgens artikel 10.37 van de Wet milieubeheer mag u geen bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen aan een ander afgeven. Op dit verbod gelden de volgende uitzonderingen:


• De ander is bevoegd om afgewerkte olie, scheepsafvalstoffen en/of klein gevaarlijk afval in te zamelen en heeft daarvoor een vergunning van de minister van I&M.

• De ander is bevoegd om overige afvalstoffen in te zamelen en staat vermeld op de landelijke VIHB-lijst.

• De ander is bevoegd om de afvalstoffen te vervoeren of te verhandelen krachtens artikel 10.55.

• De ander is bevoegd om de afvalstoffen nuttig toe te passen of te verwijderen en heeft daarvoor een vergunning op grond van hoofdstuk 8 van de Wet milieubeheer of een vrijstelling/ontheffing op grond van hoofdstuk 10.

• De ander is bevoegd om de afvalstoffen in zee te lozen krachtens de Wet verontreiniging zeewater.

• De ander is bevoegd de afvalstoffen in oppervlaktewateren te lozen krachtens de Wet verontreiniging oppervlaktewateren.

• De ander is buiten Nederland gevestigd en brengt de afvalstoffen naar dat land, zoals de EVOA voorschrijft. 

Vervoerder

Wie afvalstoffen transporteert, moet altijd een volledig ingevulde en juiste begeleidingsbrief meenemen. In de Regeling melden is de standaardlay-out van de begeleidingsbrief vastgesteld. Voorafgaand aan het transport vult de ontdoener de begeleidingsbrief in en overhandigt die aan de vervoerder. Bij inzameling zorgt de inzamelaar voor de begeleidingsbrief. De ontvanger mag alleen afvalstoffen in ontvangst nemen als een volledig en juist ingevulde begeleidingsbrief aanwezig is. Naast de papieren begeleidingsbrief kan ook een digitale variant worden gebruikt. Hiervoor is toestemming van de minister van IenM nodig. 

Ontvanger

De ontvanger van afvalstoffen is verplicht de ontvangst en afgifte van afvalstoffen te melden. Deze verplichting geldt voor ontvangstinrichtingen die:

  • afval verwerken en onder categorie 28.4 van bijlage I (onder C) van het Besluit omgevingsrecht vallen

  • verontreinigde grond, inclusief baggerspecie, opslaan en een opslagcapaciteit van 50 m3 of meer hebben

  • huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen overslaan en een opslagcapaciteit van 50 m3 of meer hebben

  • bouw- en sloopafval sorteren en hiervoor een opslagcapaciteit van meer dan 50 m3 hebben

  • groenafval composteren en een verwerkingscapaciteit van meer dan 50 m3 per jaar hebben

In sommige situaties hoeft de ontvangstinrichting de ontvangst en afgifte van de afvalstoffen niet te melden. De uitzonderingen vindt u in hoofdstuk 4.2 ‘Melden, transporteren en registreren’. 

text

Schriftelijk of digitaal melden?

De ontvangst of afgifte van afvalstoffen kunt u zowel schriftelijk (via een formulier) als digitaal (via een webformulier of XML-bericht) melden. De systematiek van zowel het schriftelijk melden als het digitaal melden is gelijk. In deze brochure leggen we de schriftelijke meldingsprocedure uit, maar de digitale meldingsprocedure werkt nagenoeg hetzelfde.

Wilt u meer weten over digitaal melden? Download de specificaties via de website van het LMA: www.lma.nl.

Registreren

In de meld- en registratiesystematiek van afvalstoffen onderscheiden we verschillende partijen:


• partijen die zich van afvalstoffen ontdoen (primaire en secundaire ontdoeners)

• partijen die afvalstoffen transporteren (vervoerders   en inzamelaars)

• partijen die afvalstoffen verwerken (ontvangers)


• partijen die in afvalstoffen handelen of bemiddelen (handelaars en bemiddelaars)

Al deze partijen moeten op bedrijfsniveau een afvalstoffen- registratie bijhouden en bewaren. De inhoud van de registratie kan per partij enigszins verschillen. 

Inzamelaar

De inzamelaar neemt het eigendom van de afvalstoffen over van de ontdoener. De inzamelaar kan zelfstandig over de afvalstoffen beschikken en bepaalt zelf naar welke verwerker hij de afvalstoffen brengt. Het inzamelen van afvalstoffen gebeurt door een route-inzamelaar of een inzamelaar die gebruikmaakt van de inzamelaarsregeling. Hij heeft daardoor dezelfde verplichtingen als een route-inzamelaar. Voor de inzamelaar, die geen gebruik maakt van route-inzameling of de inzamelaarsregeling, zijn de verplichtingen gelijkgesteld aan die van de vervoerder.

Route-inzameling

Van route-inzameling is sprake als één inzamelaar in één inzamelrit bij meer adressen gelijksoortige afvalstoffen ophaalt en die tijdens de rit samenvoegt. Op een aparte bijlage bij de begeleidingsbrief moet hij aangeven bij welke adressen hij de afvalstoffen heeft ingezameld. Dit is de zogeheten routelijst.

Route-inzameling (onder één afvalstroomnummer) is toegestaan voor: 


• huishoudelijke afvalstoffen


• bedrijfsafvalstoffen

• gevaarlijke afvalstoffen:

  • batterijen en accu’s (Besluit beheer batterijen en accu’s 2008)

  • elektrische en elektronische apparatuur (Regeling afgedankte elektrische en elektronische apparatuur resp. Besluit beheer verpakkingen 2014).

  • autowrakken (Besluit beheer autowrakken)

  • scheepsafvalstoffen (Besluit inzamelen afvalstoffen) gevaarlijke afvalstoffen die worden ingezameld in hoeveelheden kleiner dan 50 kilogram per afvalstof per afgifte en waar voor de inzameling een vergunning nodig is (Besluit inzamelen afvalstoffen)

text

Inzamelaarsregeling

Een inzamelaar die gebruikmaakt van de inzamelaarsregeling, haalt bepaalde in bijlage A van de Regeling aangewezen afvalstoffen op bij de ontdoener. Hierbij kan hij volstaan
met één afvalstroomnummer voor een bepaalde categorie afvalstoffen, met verschillende locaties van herkomst. Het verschil met route-inzameling is dat het hier een-op-een vrachten betreft.

Let op!

In tegenstelling tot de inzamelaarsregeling van voor
1 januari 2011 mogen de uitgaande afvalstromen vanuit een verwerker (afgiftes) niet meer ingezameld worden onder de inzamelaarsregeling.

4.2 Melden, transporteren en registreren

Er gelden drie belangrijke verplichtingen, die onafhankelijk van elkaar van toepassing kunnen zijn: de ontvangst en afgifte melden, het aanwezig zijn van een begeleidingsbrief bij het transport van afval en het registreren van uw afvalstoffen.

4.2.1 Melden van afvalstoffen

Afvalstroomnummer

Voorafgaand aan de eerste afgifte verstrekt de meldingsplichtige ontvanger een afvalstroomnummer aan de ontdoener. Dat doet hij op basis van de informatie die op het omschrijvingsformulier of in het contract staat. Een afvalstroomnummer bestaat altijd uit twee delen. Het eerste deel (positie 1 tot en met 5) is het door het LMA toegekende verwerkersnummer, ook wel de ‘inrichtingencode’ genoemd. Het tweede deel (positie 6 tot en met 12) is een uniek volgnummer. 

In sommige situaties verstrekt de ontvanger het afvalstroomnummer niet aan de primaire ontdoener, zoals gebruikelijk, maar aan de inzamelaar. Dan hoeft de primaire ontdoener ook geen begeleidingsbrief aan de inzamelaar mee te geven. De inzamelaar is wel verplicht het betre ende afvalstroomnummer bekend te maken aan de primaire ontdoener(s). Het gaat dan om afgifte van de volgende afvalstoffen:

• bedrijfsafvalstoffen die in bijlage A van de Regeling melden staan

• gevaarlijke afvalstoffen:


- batterijen en accu’s (Besluit beheer batterijen en accu’s 2008)
- autobanden (Besluit beheer autobanden)
- apparatuur (Regeling afgedankte elektrische en elektronische apparatuur resp. Besluit beheer verpakkingen 2014).
- autowrakken (Besluit beheer autowrakken)
- verpakkingen (Besluit beheer verpakkingen en papier en karton)
- scheeps(reinigings)afvalstoffen

• bedrijfsafvalstoffen die door route-inzameling zijn verkregen

• gevaarlijke afvalstoffen die door route-inzameling zijn verkregen:

  • -  klein gevaarlijk afval van minder dan 50 kilogram per afgifte (Besluit inzamelen afvalstoffen)

  • -  batterijen en accu’s (Besluit beheer batterijen en accu’s 2008)

  • -  apparatuur (Regeling afgedankte elektrische en elektronische apparatuur resp. Besluit beheer verpakkingen 2014).

  • -  autowrakken (Besluit beheer autowrakken)

  • -  scheeps(reinigings)afvalstoffen

Let op!

In alle andere gevallen moet de ontvanger het afvalstroomnummer aan de primaire ontdoener verstrekken. Dit geldt met name voor inzameling van gevaarlijke afvalstoffen. Ook al mogen gevaarlijke afvalstoffen in een route worden opgehaald, zoals afgewerkte olie, tóch moet de ontvanger per ontdoener een apart afvalstroomnummer verstrekken. Per afgifte moet ook een begeleidingsbrief worden opgesteld. 

Melden ontvangen afvalstoffen

De meldingsplichtige ontvanger meldt de ontvangst van het afval aan het LMA. De ontvangstmelding bestaat uit een eerste ontvangstmelding en maandelijkse ontvangstmeldingen.
De eerste ontvangstmelding bevat een aantal vaste gegevens van de afvalstoffen en de personen die betrokken zijn bij het transport. De maandelijkse ontvangstmeldingen hebben betrekking op de totaal ontvangen hoeveelheid afval en het aantal vrachten, op basis van een afvalstroomnummer.

De ontvangstmeldingen moeten uiterlijk binnen 28 dagen na afloop van de kalendermaand binnen zijn. Wanneer in de betre ende maand geen afvalstoffen zijn ontvangen en afgegeven, kan de ontvanger een ‘nulmelding’ doorgeven.

Uitzonderingen ontvangstinrichtingen

In sommige situaties hoeft de ontvangstinrichting de ontvangst van afvalstoffen niet te melden. Hij is in dat geval ook niet verplicht het afvalstroomnummer te verstrekken. De uitzonderingen op een rij:

  • De inrichting verricht uitsluitend handelingen met papier, textiel, (non-)ferrometalen, schroot, schone kunststoffen, glas, banden en/of kabelschroot omhuld of geïsoleerd met kunststoffen, niet zijnde grondkabels.

  • De inrichting verricht uitsluitend handelingen met batterijen, accu’s, elektrische en elektronische apparatuur en/of autowrakken, indien hiervoor verslag wordt gedaan
    in het kader van de betre ende productbesluiten (producentenverantwoordelijkheid).

De inrichting verricht een combinatie van bovengenoemde handelingen.

Uitzonderingen afvalstoffen

Ook van sommige afvalstoffen hoeft de ontvanger de ontvangst niet te melden. Ook dan is hij niet verplicht het afvalstroom- nummer te verstrekken. Het gaat om de volgende uitzonderingen:

  • De afvalstoffen zijn afkomstig van en gebracht door of namens particuliere huishoudens.

  • De afvalstoffen worden afgegeven aan een ontvanger die ze uitsluitend overslaat. Het gaat daarbij om ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen, bedrijfsafvalstoffen vergelijkbaar met huishoudelijke afvalstoffen en afvalstoffen van het reinigen van riolen, veegvuil, marktafval en drijfafval.

  • De afvalstoffen zijn binnen een bedrijf ontstaan en worden binnen hetzelfde bedrijf nuttig toegepast of verwijderd.
  • De afvalstoffen worden afgegeven door een persoon die buiten Nederland is gevestigd en die op basis van de EVOA een kennisgeving heeft gedaan.
  • De afvalstoffen worden onbeheerd aangetroffen en door of vanwege een bestuursorgaanopgeruimd. Het gaat daarbij om bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen.
  • De bedrijfsafvalstoffen worden afgegeven in een hoeveelheid van minder dan 50 kilogram.
  • De gevaarlijke afvalstoffen worden afgegeven aan een ontvanger die ze uitsluitend in een hoeveelheid van minder dan 50 kilogram per afgifte in ontvangst mag nemen.

Melden afgegeven (afval)stoffen

Naast de ontvangstmelding omvat de meldingsplicht ook de afgiftemelding. Wanneer de meldingsplichtige ontvanger afvalstoffen, stoffen, preparaten of voorwerpen afgeeft aan een ander - of toepast binnen of buiten het eigen bedrijf - moet hij dat melden bij het LMA. De melding bevat gegevens over de eerste afnemer van de (afval)stoffen, de soort (afval) stof, de hoeveelheid en het aantal afgiften. Voor afvalstoffen moet hij de Euralcode vermelden; voor stoffen, preparaten of voorwerpen de goederencode (GN-code). De afgiftemelding moet uiterlijk binnen 28 dagen na afloop van de kalendermaand binnen zijn. Wanneer in de betre ende maand geen (afval) stoffen zijn afgegeven en ontvangen, kan de ontvanger een ‘nulmelding’ doorgeven.

Uitzonderingen

De verplichting tot het melden van afgegeven (afval)stoffen vervalt in de volgende situaties:


• De afvalstoffen worden afgegeven aan een meldingsplichtige inrichting waarvoor een afvalstroomnummer is afgegeven.

• De (afval)stoffen zijn al gemeld volgens het Besluit bodemkwaliteit en/of het Besluit gebruik meststoffen.


• De afvalstoffen zijn door betoncentrales, asfaltinstallaties en/of staalbedrijven verwerkt in beton, asfalt of staal. 

4.2.2 Transporteren van afvalstoffen

Begeleidingsbrief

De ontdoener verstrekt, voorafgaand aan het transport, een juist en volledig ingevulde begeleidingsbrief aan de vervoerder. De lay-out van de begeleidingsbrief is door het ministerie van IenM vastgesteld in de Regeling melden. Vervoerders en inzamelaars zijn verplicht tijdens het transport van afvalstoffen een volledig en juist ingevulde begeleidingsbrief bij zich te hebben. Naast een papieren begeleidingsbrief zijn er ook door de minister van IenM goedgekeurde digitale begeleidingsbrieven. 

text

Ontdoener verstrekt de begeleidingsbrief

In principe dient iedere ontdoener voor het transporteren van afvalstoffen een begeleidingsbrief te verstrekken aan de vervoerder. In onderstaande situaties is hij hiertoe niet verplicht.

  • Er wordt een alternatieve gegevensdrager gebruikt, die door de minister van IenM is goedgekeurd. Kijk voor een overzicht van alternatieve gegevensdragers op www.lma.nl.

  • Er is sprake van repeterende vrachten, waarvoor één begeleidingsbrief per werkweek kan worden gebruikt.

  • De afvalstoffen worden in route ingezameld.

  • Het gaat om bedrijfsafvalstoffen die worden ingezameld volgens de inzamelaarsregeling. Zie bijlage A van de Regeling melden.

  • Het gaat om afvalstoffen waarop de EVOA van toepassing is. Een EVOA-document moet aanwezig zijn.

  • Het gaat om bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen die in een motorrijtuig van rijbewijscategorie B worden vervoerd.

  • Het gaat om bedrijfsafvalstoffen van minder dan 500 kilogram die op een andere wijze worden vervoerd dan in een motorrijtuig van rijbewijscategorie B.

  • Het gaat om ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen, bedrijfsafvalstoffen van huishoudelijke aard en afvalstoffen van het reinigen van riolen, veegvuil, marktafval en drijfafval, waarvan kan worden aangetoond dat deze rechtstreeks worden vervoerd naar een inrichting die ze uitsluitend overslaat. Er is sprake van niet-beroepsmatig ingezameld papier of textiel.

Let op!

Ook bij het transport van afvalstoffen met een landbouwvoertuig (tractor) is een begeleidingsbrief verplicht.

Vervoerder heeft een begeleidingsbrief aan boord

In principe moet iedere vervoerder een begeleidingsbrief voeren tijdens het transport. In onderstaande situaties is hij hiertoe niet verplicht.


• Het gaat om afvalstoffen waarop de EVOA van toepassing is. Een EVOA-document moet aanwezig zijn.


• Het gaat om bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen die in een motorrijtuig van rijbewijscategorie B worden vervoerd.


• Het gaat om bedrijfsafvalstoffen van minder dan 500 kilogram die op een andere wijze dan in een motorrijtuig van rijbewijscategorie B worden vervoerd.


• Het gaat om ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen, bedrijfsafvalstoffen die naar soort en aard vergelijkbaar zijn met huishoudelijke afvalstoffen of afvalstoffen van het reinigen van riolen, waarvan kan worden aangetoond dat deze rechtstreeks worden vervoerd naar een inrichting die ze uitsluitend overslaat.

• Er is sprake van niet-beroepsmatig ingezameld papier of textiel.

Daarnaast moet de vervoerder tijdens het transport een gewaarmerkte kopie van de vermelding op de VIHB-lijst aan boord hebben.

Repeterende vrachten

Bij repeterende vrachten kan de vervoerder volstaan met één begeleidingsbrief per werkweek, die loopt van maandag tot en met zondag. In de vrije ruimte of in een bijlage van de begeleidingsbrief moeten het aantal transporten en de tijdstippen worden vastgelegd. Er is sprake van repeterende vrachten als meerdere transporten van bedrijfsafvalstoffen met dezelfde samenstelling vanaf één locatie en naar één bestemming worden vervoerd in hetzelfde voertuig met steeds hetzelfde kenteken.

Let op!

Als sprake is van repeterende vrachten moet het kenteken op de begeleidingsbrief worden vermeld. 

Uitbesteed vervoerder

Van uitbesteed vervoer is sprake als de inzamelaar het fysieke transport heeft uitbesteed of als de vervoerder, met toestemming van de ontdoener, een ander is dan de vermelde vervoerder in vak 5 van de begeleidingsbrief. In deze gevallen moet zowel de inzamelaar/vervoerder (vak 5) als de fysieke vervoerder (vak 4a) op de begeleidingsbrief vermeld staan.

Hoe lang bewaren?

Degene die de ontvangstmelding doet, dient de begeleidingsbrieven (of de digitale versies hiervan) ten minste vijf jaar te bewaren. Het gaat dan uitsluitend om begeleidingsbrieven die betrekking hebben op afvalstoffen waarvan de ontvangst verplicht moet worden gemeld.

4.2.3 Open Standaard elektronische begeleidingsbrief Afval (EBA)

In de Wet milieubeheer staat de verplichting dat het transport van afval altijd moet zijn vergezeld van een papieren begeleidingsbrief. Sinds 2005 bestaat de mogelijkheid om hiervoor ontheffing te krijgen en een digitale of andere gegevensdrager te gebruiken. Sinds 2005 zijn er al tientallen ontheffingen verleend voor het zichtbaar maken op de mobiele telefoon, op badges, pasjes, boordcomputers e.d.

De informatiestromen over het afval schieten heen en weer tussen de verschillende schakels in de keten. En steeds vaker gebeurt dat op elektronische wijze, via de mail, via PDF’s en in bepaalde berichten. Door het gebruik van diverse software- systemen kunnen verzonden berichten vaak niet een op een worden overgenomen. Daarvoor zijn extra koppelingen en soms extra handmatige handelingen nodig. Dit kost tijd en geld en kent een hoog foutrisicoprofiel.

Het doel van de afvalsector was en is om de gegevens- uitwisselingen en berichten volgens een uniforme standaard te laten verlopen.

Hiertoe is in 2013 de Open Standaard Elektronische Begeleidingsbrief (EBA) ontwikkeld en gratis beschikbaar gesteld aan de markt. Met de komst van de EBA wordt veel geld bespaard en de leveranciersafhankelijkheid wordt ook kleiner. Voor meer informatie: www.afval-eba.nl

4.2.4 Registreren van afvalstoffen

Afvalstoffenregistratie

Ontdoeners, vervoerders, inzamelaars, ontvangers, handelaars en bemiddelaars zijn verplicht op bedrijfsniveau een afvalstoffenregistratie bij te houden en te bewaren. In de praktijk kan de ontdoener meestal volstaan met het bewaren van de factuur, de doorslag(en) van de begeleidingsbrieven (waarop de meeste verplichte gegevens staan vermeld) en het contract tussen de ontdoener en ontvanger. Deze gegevens moeten minimaal vijf jaar worden bewaard. De Wet milieubeheer schrijft voor dat de ontvanger een meer uitgebreide afvalstoffenregistratie moet bijhouden. Deze verplichting staat gewoonlijk in de afgegeven omgevingsvergunning.

Welke gegevens?

De ontdoener en/of inzamelaar dient minimaal de volgende gegevens in zijn registratie op te nemen:


• naam en adres van de afzender (handelaar/bemiddelaar, indien van toepassing)


• naam en adres van de ontdoener


• naam en adres van de vervoerder/inzamelaar


• naam en adres van de ontvanger


• locatie van herkomst van de afvalstoffen


• locatie van bestemming van de afvalstoffen


• Euralcode en gebruikelijke benaming van de afvalstoffen

• voorgenomen wijze van beheer van de afvalstoffen


• hoeveelheid ontvangen/afgegeven afvalstoffen


• datum van ontvangst en/of afgifte

Daarnaast moeten - indien van toepassing - ook in de registratie worden opgenomen: analyserapporten, contracten (omschrijvingsformulieren) en facturen. 

Uitzonderingen ontdoener

De ontdoener is niet verplicht om de afvalstoffen te registreren als het gaat om afgifte van:

  • batterijen en accu’s, zoals beschreven in het Regeling beheer batterijen en accu’s 2008

  • autobanden, zoals beschreven in het Besluit beheer autobanden

  • apparatuur, zoals beschreven in de Regeling beheer elektrische en elektronische apparatuur

  • autowrakken, zoals beschreven in het Besluit beheer autowrakken

  • verpakkingen, zoals beschreven in het Besluit beheer verpakkingen en papier en karton 

4.3 Bepaal uw rol en verplichtingen in de afvalketen

Bent u ontdoener, vervoerder, inzamelaar, ontvanger, handelaar of bemiddelaar?

Welke verplichtingen de regelgeving voor u met zich meebrengt, is afhankelijk van de rol(len) die uw bedrijf vervult. Voor een vervoerder gelden bijvoorbeeld andere verplichtingen dan voor een ontvanger. Ook kan een bedrijf meerdere rollen vervullen. Zo kan een ontvanger ook weer inzamelaar of ontdoener zijn. En uiteraard kan ook sprake zijn van een uitzondering. 

text

U heeft de rol van primaire ontdoener

U bent een primaire ontdoener als u zich ontdoet van afvalstoffen die bij u zijn ontstaan.

Verplichtingen:

  • U geeft uw afvalstoffen alleen af aan een persoon die daartoe bevoegd is.

  • U maakt uitsluitend gebruik van vervoerders en/of inzamelaars die vermeld staan op de landelijke VIHB-lijst. Indien sprake is van het inzamelen van afgewerkte olie uit categorie I of II, (gevaarlijke) scheeps(reinigings) afvalstoffen en/of klein gevaarlijk afval, dient diegene die inzamelt in het bezit te zijn van een inzamelvergunning van de minister van IenM.

  • Voorafgaand aan de afgifte van de afvalstoffen verstrekt u een omschrijving van of levert u informatie over de afvalstoffen aan de ontvanger/inzamelaar.

  • Voorafgaand aan de afgifte krijgt u een afvalstroomnummer dat door de (meldingsplichtige) ontvanger wordt toegekend.

  • Per transport verstrekt u aan de vervoerder een volledige, juist ingevulde en door u ondertekende begeleidingsbrief. U behoudt het witte deel voor uw administratie.

  • U registreert de relevante gegevens op zodanige wijze dat controle binnen redelijke termijn mogelijk is.

  • U bewaart de relevante gegevens ten minste vijf jaar (bij voorkeur de roze doorslag van de begeleidingsbrief) 

U heeft de rol van secundaire ontdoener

U bent een secundaire ontdoener als u een ontvanger van afvalstoffen bent, en u zich vervolgens weer van die afvalstoffen ontdoet.

Verplichtingen:

• U geeft uw afvalstoffen alleen af aan een persoon die daartoe bevoegd is.

• U maakt uitsluitend gebruik van vervoerders en/of inzamelaars die vermeld staan op de landelijke VIHB-lijst. Indien sprake is van het inzamelen van afgewerkte olie uit categorie I of II, (gevaarlijke) scheeps(reinigings) afvalstoffen en/of klein gevaarlijk afval, dient diegene die inzamelt in het bezit te zijn van een inzamelvergunning van de minister van IenM.

• Voorafgaand aan de afgifte van de afvalstoffen verstrekt u een omschrijving van of levert u informatie over de afvalstoffen aan de ontvanger/inzamelaar.

• Voorafgaand aan de afgifte krijgt u een afvalstroom- nummer dat door de (meldingsplichtige) ontvanger wordt toegekend.

• Per transport verstrekt u aan de vervoerder een volledige, juist ingevulde en door u ondertekende begeleidingsbrief.

• U registreert de relevante gegevens op zodanige wijze dat controle binnen redelijke termijn mogelijk is.

• U bewaart de relevante gegevens ten minste vijf jaar (bij voorkeur de roze doorslag van de begeleidingsbrief).

Bent u meldingsplichtig volgens het Besluit melden?
Dan geldt ook de volgende verplichting:


• Binnen 28 dagen na afloop van de maand waarin u (afval) stoffen heeft afgegeven, doet u een afgiftemelding aan het LMA. Behalve als u afvalstoffen afgeeft aan een bedrijf dat ontvangstmeldingsplichtig is. Dan krijgt u een afvalstroomnummer van de ontvanger.

VIHB-lijst

Vervoerders, inzamelaars, handelaars en bemiddelaars van bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen moeten zich, voor de rol(len) die zij wensen te vervullen, laten registreren bij de NIWO. Alle geregistreerde personen staan op een landelijke lijst, de zogenaamde VIHB-lijst. Meer informatie: www.niwo.nl. 

U heeft de rol van vervoerder of inzamelaar die geen gebruik maakt van route-inzameling of de inzamelaarsregeling 

U bent een vervoerder als u het transport van afvalstoffen verzorgt. Als vervoerder handelt u in opdracht van de ontdoener, ontvanger, handelaar of bemiddelaar. U bepaalt dus niet zelf waar u de afvalstoffen naartoe brengt. U bent ook een vervoerder als u als inzamelaar géén gebruikmaakt van route-inzameling of de inzamelaarsregeling. In dat geval bent u wel verantwoordelijk voor de afvalstoffen en bepaalt u zelf waar u ze naartoe brengt. U heeft dezelfde verplichtingen als een vervoerder.

Verplichtingen:

  • Indien sprake is van het inzamelen van afgewerkte olie uit categorie I of II, (gevaarlijke) scheeps(reinigings) afvalstoffen en/of klein gevaarlijk afval, bent u in het bezit van een inzamelvergunning van de minister van I&M.

  • In de andere gevallen heeft u zich aangemeld bij de NIWO en staat u, als vervoerder en/of inzamelaar, vermeld op de landelijke VIHB-lijst.

  • Tijdens het vervoer van afvalstoffen kunt u deze vermelding aantonen met een gewaarmerkte kopie.

  • Als vervoerder ontvangt u van de ontdoener een volledige, juist ingevulde en ondertekende begeleidingsbrief. U tekent de begeleidingsbrief voor ontvangst en vult de datum van aanvang van het transport in.

  • Als inzamelaar die geen gebruikmaakt van route-inzameling of de inzamelaarsregeling, geeft u uw afvalstoffen alleen af aan een persoon die daartoe bevoegd is.

  • U verstrekt een ingevulde en ondertekende begeleidingsbrief aan de ontvanger.

  • Tijdens het transport heeft u de begeleidingsbrief bij u.

  • U registreert de relevante gegevens op zodanige wijze dat controle binnen redelijke termijn mogelijk is.

  • U bewaart de gele doorslag van de begeleidingsbrief ten minste vijf jaar. 

U heeft de rol van route-inzamelaar
of inzamelaar die gebruikmaakt van de inzamelaarsregeling


Als route-inzamelaar of inzamelaar die gebruikmaakt van de inzamelaarsregeling, haalt u afvalstoffen op bij degene die zich ervan wil ontdoen. Het eigendom van de afvalstoffen gaat hierbij over van de ontdoener naar u. U kunt zelfstandig over de afvalstoffen beschikken en bepaalt zelf naar welke ontvanger u de afvalstoffen brengt.

Verplichtingen:

• Indien sprake is van het inzamelen van afgewerkte olie uit categorie I of II, (gevaarlijke) scheeps(reinigings) afvalstoffen en/of klein gevaarlijk afval, bent u in het bezit van een inzamelvergunning van de minister van I&M.

• In de andere gevallen heeft u zich aangemeld bij de NIWO en staat u, als vervoerder en/of inzamelaar, vermeld op de landelijke VIHB-lijst.

• U geeft uw afvalstoffen alleen af aan een persoon die daartoe bevoegd is.

• Voorafgaand aan de inzameling van de afvalstoffen verstrekt u een omschrijving van of levert informatie over de afvalstoffen aan de ontvanger.

• Voorafgaand aan de inzameling krijgt u een afvalstroomnummer van de (meldingsplichtige) ontvanger. U maakt het afvalstroomnummer bekend aan degene die zich van de afvalstoffen ontdoet.

• Tijdens het transport heeft u de ingevulde en ondertekende begeleidingsbrief bij u. In geval van route-inzameling moet een routelijst aanwezig zijn met daarop de naam en het adres van de personen bij wie is ingezameld.

• U verstrekt de ingevulde en ondertekende begeleidingsbrief aan de ontvanger. U behoudt zelf het voorblad en de eerste doorslag van de ingevulde en ondertekende begeleidingsbrief, inclusief de eventuele routelijst.

• U registreert de relevante gegevens op zodanige wijze dat controle binnen redelijke termijn mogelijk is.

• U bewaart de gele doorslag van de begeleidingsbrief ten minste vijf jaar. Als route-inzamelaar bewaart u ook de routelijst. 

U heeft de rol van ontvanger

U bent een ontvanger als u afvalstoffen in ontvangst neemt voor opslag, overslag of verwerking.

Verplichtingen:

  • U bent bevoegd om de aangeboden afvalstoffen in ontvangst te nemen.

  • U ontvangt de doorslagen (geel, chamois en eventueel roze) van de ingevulde en ondertekende begeleidingsbrief.

  • U verstrekt de gele doorslag van de begeleidingsbrief aan de vervoerder. Aanbevolen wordt de roze doorslag te sturen naar de ontdoener en/of afzender (indien van toepassing).

  • U registreert de relevante gegevens in een afvalstoffenregistratie op zodanige wijze dat controle binnen redelijke termijn mogelijk is.

Bent u meldingsplichtig volgens het Besluit melden? Dan gelden ook de volgende verplichtingen:

  • U vraagt eenmalig een verwerkersnummer aan bij het LMA voor het afgeven van afvalstroomnummers.

  • U verstrekt afvalstroomnummers aan ontdoeners, op basis van de door hen verstrekte gegevens, voorafgaand aan de ontvangst.

  • U vraagt bij het LMA eenmalig de bedrijfsnummers op van alle bij de afvalstromen betrokken personen.

  • Binnen vier weken na afloop van de maand waarin u de afvalstoffen heeft ontvangen, doet u een eerste ontvangst- melding aan het LMA. Dit geldt ook voor de groene-lijst- afvalstoffen van de EVOA.

  • Binnen vier weken na afloop van de maand waarin u de afvalstoffen heeft ontvangen, doet u uw vervolgmeldingen aan het LMA. Dit geldt ook voor de groene-lijst-afvalstoffen van de EVOA.

  • Binnen vier weken na afloop van de maand waarin u de afvalstoffen heeft afgegeven, doet u een afgiftemelding aan het LMA. Dit geldt ook voor de groene-lijst-afvalstoffen van de EVOA.

U heeft de rol van handelaar of bemiddelaar

U bent een handelaar als u als (rechts)persoon afvalstoffen koopt en verkoopt en het afval in eigendom heeft (maar niet feitelijk bezit) en als u de afvalstoffen niet via uw bedrijf verhandelt. U bent een bemiddelaar als u een (rechts)persoon bent die zelf geen afvalstoffen in eigendom heeft, maar voor anderen regelingen treft voor het beheer ervan. U bent ook een bemiddelaar als u adviseur, makelaar, commissionair of vertegenwoordiger van afvalstoffen bent.

Verplichtingen:

• U bent geregistreerd bij de NIWO en u staat, als handelaar en/of bemiddelaar, vermeld op de landelijke VIHB-lijst.

• U ontvangt de roze doorslag van de ingevulde en ondertekende begeleidingsbrief van de ontvanger.

• U heeft de verplichtingen van de partij (A t/m E), namens wie u handelt of bemiddelt.