arrow close icon-chevron-left icon-chevron-right icon-twitter icon-facebook icon-linkedin icon-zoom icon-trash icon-user icon-cart icon-search icon-chat

6. Grond, baggerspecie en bouwstoffen

Op 1 januari 2008 is het Besluit bodemkwaliteit in werking getreden. Dit besluit schrijft voor dat het toepassen van grond en baggerspecie in de meeste situaties gemeld moet worden. Het melden van bouwsto en op of in de bodem is in enkele situaties ook verplicht. Voor wie is dit besluit bedoeld en hoe werkt het in de praktijk?

Wie moet melden?

Volgens het Besluit bodemkwaliteit is degene die bouwstoffen, grond of baggerspecie wil toepassen op of in de bodem of in het oppervlaktewater, meldingsplichtig. De toepasser moet de toepassing melden bij het Meldpunt bodemkwaliteit. Meestal is dat de opdrachtgever van de toepassing of de eigenaar van de locatie van de voorgenomen toepassing. Via privaatrechtelijke afspraken kan deze verplichting ook bij de aannemer, de leverende grondbank of andere betrokkenen liggen.

Geen meldingsplicht

Als de grond, baggerspecie of bouwstof wordt afgevoerd naar een verwerker (puinbreker, reiniger of stortplaats), valt dit niet onder het Besluit bodemkwaliteit. Dat is ook het geval als de grond tijdelijk wordt opgeslagen binnen een daartoe Wm-vergunde locatie, bijvoorbeeld een grondbank. Voor deze twee situaties geldt dan ook geen meldingsplicht via het Meldpunt bodemkwaliteit.

Meldingsplicht bouwstoffen

In de volgende situaties moet u bouwstoffen melden:

  • het toepassen van IBC-bouwstoffen

  • het hergebruiken van bouwstoffen door dezelfde eigenaar

  • Overige toepassingen en toepassingen door particulieren zijn vrijgesteld van de meldingsplicht.

Meldingsplicht grond en baggerspecie

Voor grond en baggerspecie geldt de meldingsplicht in principe voor alle toepassingen op of in de bodem of in het oppervlaktewater, inclusief kortdurende en tijdelijke opslag die onder de algemene regels van het Besluit bodemkwaliteit valt. De uitzonderingen:

• het toepassen van grond of baggerspecie door particulieren

• het toepassen van grond of baggerspecie binnen een landbouwbedrijf (voorwaarde: de grond of baggerspecie is afkomstig van een tot dat landbouwbedrijf behorend perceel waarop een vergelijkbaar gewas wordt geteeld)

• het verspreiden van baggerspecie uit een watergang over de aan de watergang grenzende percelen

• het toepassen van schone grond en baggerspecie in hoeveelheden kleiner dan 50 m3 (voor het toepassen van schone grond en baggerspecie in hoeveelheden vanaf 50 m3 moet eenmalig de toepassingslocatie worden gemeld)

• het tijdelijk verplaatsen of uit de toepassing wegnemen van grond of baggerspecie als deze vervolgens, zonder te zijn bewerkt, op of nabij dezelfde plaats en onder dezelfde conditie opnieuw in die toepassing wordt aangebracht.

Meldingstermijn

Hergebruik van bouwstoffen door dezelfde eigenaar en het toepassen van grond of baggerspecie, moet u ten minste vijf werkdagen van tevoren melden via het Meldpunt Bodemkwaliteit. Voor de toepassing van IBC-bouwstoffen is een correcte uitvoering van de isolatiemaatregelen bepalend voor de bescherming van de bodem en het oppervlaktewater tegen mogelijke verontreinigingen. Daarom moet degene die IBC-bouwsto en wil toepassen dat ten minste vier weken vóór de toepassing melden via het Meldpunt Bodemkwaliteit. Wanneer de milieu hygiënische verklaring op dat moment nog niet beschikbaar is, dan mag deze uiterlijk vijf werkdagen voor het toepassen via het Meldpunt worden verstrekt aan het bevoegd gezag.

Waar melden?

Toepassingen kunt u melden via het Meldpunt Bodemkwaliteit: www.meldpuntbodemkwaliteit.nl. Hiervoor is een account nodig dat u zelf eenvoudig kunt aanmaken. Via het Meldpunt Bodemkwaliteit wordt de melding direct doorgestuurd naar het bevoegd gezag. Dit is in de regel de gemeente of de waterkwaliteitsbeheerder. Wanneer de gemelde toepassing niet in overeenstemming is met het lokale beleid of wanneer de aangeleverde informatie van onvoldoende kwaliteit is, kan het bevoegd gezag dit aan u kenbaar maken. Als er gegevens in de melding ontbreken of als er aanvullende informatie nodig is, kunt u de melding via het meldsysteem aanpassen.

Transport

In het Besluit bodemkwaliteit is weinig geregeld over transport. Alleen het vervoeren van bouwsto en is direct geregeld in artikel 28. Daarin staat dat bij een partij een partijkeuring of een afleveringsbon aanwezig moet zijn. Deze afleveringsbon kan de reguliere begeleidingsbrief zijn, als daarin informatie over de milieuhygiënische verklaring is opgenomen. Voor het vervoeren van grond of baggerspecie is in het Besluit bodemkwaliteit in directe zin niets geregeld. Wel is in artikel 38 geregeld dat degene die voornemens is grond of baggerspecie toe te passen, de kwaliteit daarvan moet laten bepalen. Ook moet bij de betreffende partij een milieuhygiënische verklaring aanwezig zijn. Omdat zowel opslag als feitelijk toepassen vallen onder het begrip ‘toepassen’, geldt deze verplichting dus voor alle grond of baggerspecie die wordt vervoerd naar een locatie waar deze wordt opgeslagen of toegepast.

Begeleidingsbrief

Omdat grond of baggerspecie in veel gevallen bij transport over de openbare weg als afvalstof wordt gezien, dient het transport vergezeld te gaan van een begeleidingsbrief. Dit geldt ook voor een transport van een partij herbruikbare grond of baggerspecie naar een toepassing of tijdelijke opslaglocatie onder het Besluit bodemkwaliteit. In deze gevallen en ook bij afvoer naar een niet-meldingsplichtige inrichting is, in het kader van het Besluit melden, geen afvalstroomnummer nodig. Alleen schoon primair zand (zand uit een zandwinning) kan in zijn algemeenheid niet als afvalstof aangemerkt worden. Een begeleidingsbrief is dan niet nodig. 

text