Update eigendom van afvalstoffen

Weg en Wagen 85 | Oktober 2018 | Jaargang 32

Door mr. Ron Laan (Partner en advocaat afvalstoffenrecht bij Van Diepen Van der Kroef Advocaten) en mr. Louisa Waalkes (Senior bedrijfsjurist bij Afvalverbrandingscentrale HVC in Alkmaar)

Met het inzamelen en het vervoer van afvalstoffen, zowel nationaal als internationaal, komt de vraag aan de orde welke partij op enig moment eigenaar van de afvalstoffen is en daarmee het risico voor de afvalstoffen draagt. In een eerder artikel [1] is de wet- en regelgeving rond het inzamelen en het transport van afvalstoffen uiteengezet en is aangegeven dat de eigendomsoverdracht door partijen zelf geregeld zal moeten worden. Nu wordt nader ingegaan op de vraag welke rol de diverse vervoerscondities en Incoterms bij de eigendomsoverdracht van afvalstoffen spelen, zowel nationaal als internationaal.

1. Inleiding

Zoals aangegeven dient de eigendomsoverdracht van de afvalstoffen door partijen zelf geregeld te worden. Het Landelijk afvalbeheerplan 2009-2021, van toepassing op binnenlandse transporten, gaat uit van de voorbeeldsituatie dat de eigendom overgaat van de ontdoener (verkoper) op de ontvanger (koper) op het moment van feitelijke afgifte. Partijen kunnen echter zelf een ander moment van eigendomsoverdracht afspreken of voorwaarden aan de eigendomsoverdracht verbinden.

Indien er sprake is van een internationaal afvaltransport waarop de EVOA (Europese Verordening betreffende overbrenging van afvalstoffen[2]) geldt eveneens dat de ontdoener van de afvalstoffen en de ontvanger van de afvalstoffen met elkaar af zullen moeten spreken op welk moment er van eigendomsoverdracht sprake is. Complicerende factor daarbij is dat ingevolge de EVOA voor veel transporten van afval een zogenaamde kennisgeving nodig is en de EVOA een terugnameplicht kent. De EVOA hanteert het begrip “kennisgever”. Het betreft hier elke natuurlijke of rechtspersoon die het voornemen heeft om afvalstoffen over te brengen of te laten overbrengen en verplicht is om kennisgeving te doen. De kennisgever kan dus de producent, de houder, de verzamelaar of de makelaar van de afvalstoffen zijn. De kennisgever geeft de bevoegde autoriteiten door middel van het kennisgevingsdocument informatie over het voornemen om afvalstoffen over te brengen. De procedure van kennisgeving is van toepassing wanneer de overbrenging van afvalstoffen onder artikel 3 lid 1, onder a of b, van de EVOA valt. Dat wil zeggen: voor alle afvalstoffen die bestemd zijn voor verwijdering (artikel 3 lid 1 onder a) en voor bepaalde afvalstoffen die bestemd zijn voor nuttige toepassing (artikel 3 lid 1 onder b).

De terugnameplicht kan zich voordoen als een transport niet als gepland kan worden voltooid of bij een illegale overbrenging. Het tweede lid van artikel 22 van de EVOA biedt de verzendende lidstaat de mogelijkheid om de verzender (de kennisgever) van de afvalstoffen op de terugnameplicht aan te spreken en afdwingbaar te maken dat binnen een zekere termijn terugname daadwerkelijk plaatsvindt. Als geen kennisgeving is gedaan, wordt de opdrachtgever of verzender aangesproken die op grond van de EVOA een kennisgeving had moeten doen. Bij transporten waarvoor geen kennisgeving is vereist (artikel 18 EVOA), is het de opdrachtgever tot het transport die in eerste instantie wordt aangesproken.

Het bestaan van de terugnameplicht brengt met zich mee dat de eigendomsoverdracht feitelijk pas kan plaatsvinden zodra het transport als gepland is voltooid. In veel gevallen wordt de ontvanger reeds in de haven van verzending eigenaar van de afvalstoffen door afgifte van het vervoersdocument. Het vervoersdocument is dan het eigendomsbewijs. Indien de afvalstoffen vervolgens worden overgebracht, het transport niet zoals gepland kan worden voltooid en de terugnameplicht in werking treedt zal de ontvanger niet willen dat hij daar gezien de eigendomsoverdracht de kosten voor draagt. De ontvanger zal veelal al voor de afvalstoffen betaald hebben. Indien de afvalstoffen geretourneerd moeten worden zal de ontvanger ook zijn betaling terug willen ontvangen. De kennisgever en de ontvanger zullen met elkaar nadere contractuele afspraken moeten maken over de wijze waarop in een dergelijk geval moet worden gehandeld en wie waarvoor aansprakelijk is. Daarbij kan voorts gedacht worden aan de omstandigheid dat afvalstoffen tijdelijk in het ontvangende land moeten worden opgeslagen. Bepaald kan worden dat de kosten hiervan niet ten laste van de ontvanger komen maar dat de ontvanger er binnen zijn mogelijkheden wel alles aan zal doen om de aanvullende kosten zo laag mogelijk te houden bijvoorbeeld door het ter beschikking stellen van opslagruimte als dat mogelijk is.

2. Vervoerscondities

Vervoerscondities, zoals de Algemene Vervoerscondities (AVC) voor binnenlands vervoer, het CMR-verdrag voor internationaal wegvervoer en de internationale leveringsvoorwaarden Incoterms geven een exacte verdeling van verplichtingen van verkoper en koper bij (internationale) vervoersovereenkomsten op het gebied van vervoer, invoer- en uitvoerdocumenten, risico en assurantie. De meest gebruikte Incoterms zijn momenteel de Incoterms 2010. Onder andere de volgende vragen worden beantwoord in de Incoterms:

  • Wat zijn de verplichtingen van de koper en verkoper?

  • Wie verzorgt het transport? En tot waar?

  • Wanneer gaan de risico’s over naar de andere partij?

Echter, de vervoerscondities regelen niet de eigendomsoverdracht van goederen, deze wordt geregeld door afgifte van het vervoersdocument, het eigendomsbewijs, of door contractuele afspraken, bijvoorbeeld eigendomsvoorbehoud. Belangrijk is het zogenoemde “Critical Point”. Op dit punt verschuift de verantwoordelijkheid van de koper naar de verkoper en dit zou dan ook het moment van eigendomsoverdracht moeten zijn. De vervoerscondities spelen dan ook wel degelijk een rol bij de vraag wanneer de eigendomsoverdracht kan of zal plaatsvinden en het is dan ook van belang dat de gekozen vervoersconditie in overeenstemming is met de contractuele afspraken. Aan de hand van de meest voorkomende Incoterms zal deze rol nader verduidelijkt worden.

3. Incoterms 2010 nader uitgelegd

De Incoterms worden wereldwijd gebruikt en zijn ontstaan in 1936. Grofweg worden elke 10 jaar de Incoterms aangepast aan de actuele situatie. De laatste versie is die van 2010.

Er zijn 11 Incoterms, 7 voor alle vervoersvormen en 4 voor enkel het vervoer over water:

Alle vervoersvormen:

EXW:   Ex Works, Af Fabriek

FCA:    Free Carrier, Vrachtvrij tot (eerste) vervoerder

CPT:    Carriage Paid To, Vracht betaald tot

CIP:     Carriage and Insurance Paid to, Vracht en verzekering betaald tot

DAT:    Delivery At Terminal, Geleverd op Terminal

DAP:    Delivery At Place, Geleverd ter bestemming

DDP:    Delivery Duty Paid, Geleverd en Rechten betaald.


Vervoer over water:

FAS:    Free Alongside Ship, Vrachtvrij langszij schip

FOB:    Free On Board, Vrachtvrij aan boord

CFR:    Cost and Freight, Kostprijs en vracht

CIF:     Cost, Insurance and Freight, Kostprijs, verzekering en vracht


Alle vervoersvormen

EXW, Ex Works, Af Fabriek

De leveringsconditie Ex Works verplicht de verkoper de afvalstoffen klaar te zetten in de loods waarna de koper de afvalstoffen komt ophalen. Het Critical Point ligt hier op het moment dat de koper de afvalstoffen komt ophalen en de verkoper deze ter beschikking stelt. De koper is verantwoordelijk voor het opmaken van de vrachtbrief en eventuele export- of douane documenten. Het transport moet geregeld worden door de koper. Aan deze leveringsconditie zijn nogal wat risico’s verbonden. Zeker bij internationaal transport van afvalstoffen. Ervan uitgaande dat de ontdoener van de afvalstoffen in dit geval tevens de verkoper is zal de ontdoener zich er van moeten vergewissen dat de afvalstoffen ook daadwerkelijk de grens overgaan en op de plaats van bestemming aankomen. 

FCA, Free Carrier, Vrachtvrij tot eerste vervoerderOnder deze leveringsconditie levert de verkoper c.q. de ontdoener de afvalstoffen af aan een door de koper aangewezen en gecontracteerde vervoerder of expediteur. De verkoper loopt het risico tot de goederen aan boord van het vervoermiddel zijn geladen. Het Critical Point ligt hier op het moment dat de goederen geladen en vastgezet zijn en bijvoorbeeld de chauffeur de vrachtbrief heeft ondertekend voor ontvangst van de goederen.

CPT, Carriage Paid To, Vracht betaald totDeze leveringsconditie komt er op neer dat de verkoper c.q. ontdoener de exportvergunning regelt en het vervoer tot de eindbestemming (inclusief lossen) contracteert. De verkoper c.q. ontdoener loopt het risico tot het moment dat hij de afvalstoffen “onder berusting van de (eerste) vervoerder geeft, hier ligt het zogenaamde Critical Point.

CIP, Carriage and Insurance Paid to, Vracht en verzekering betaald tot

Gelijk aan CPT, maar inclusief verzekeringsplicht voor de verkoper c.q. ontdoener tot de eindbestemming.

DAT, Delivery at Terminal, Geleverd op Terminal

Bij de leveringsconditie vindt levering plaats in een vooraf bepaalde terminal door het ter beschikking stellen van de afvalstoffen aan de koper, gelost van het aankomend vervoermiddel. De verkoper c.q. ontdoener stelt de afvalstoffen ter beschikking vanuit het vervoermiddel en hoeft dus niet zelf uit te laden. Dit is tevens het Critical Point, het moment waarop het risico van de verkoper c.q. ontdoener over gaat op de koper.

DAP, Delivery At Place, Geleverd ter bestemming

Bij de leveringsconditie vindt levering eveneens plaats door ter beschikking stellen van de afvalstoffen aan de koper, en wel gereed om te worden gelost. Dit is tevens het Critical Point, het moment waarop het risico van de verkoper c.q. ontdoener over gaat op de koper. De verkoper c.q. ontdoener draagt alle kosten en risico’s die verband houden met het vervoer van de goederen naar de overeengekomen plaats van bestemming.

DDP, Delivery Duty Paid, Geleverd en Rechten betaald

Deze leveringsconditie is de tegenhanger van Ex Works. De verkoper c.q. ontdoener levert en loopt het risico tot de eindbestemming van de afvalstoffen, exporteert en importeert. Het Critical Point ligt hier op het moment van daadwerkelijke ontvangst van de afvalstoffen door de koper op de plaats van bestemming.

Vervoer over water

FAS, Free Alongside Schip, vrachtvrij langszij schip

De verkoper c.q. ontdoener levert af op de kade langs het schip. De koper contracteert het vervoer en regelt import- en exportvergunning. Het Critical Point ligt hier op het moment dat de verkoper c.q. ontdoener de afvalstoffen op de kade aflevert

FOB, Free On Board, vrachtvrij aan boord

Deze leveringsconditie is identiek aan FAS, alleen eindigt de leveringsverplichting (het Critical Point) en het risico aan boord van het schip. De verkoper c.q. ontdoener regelt de exportvergunning.

CFR, Cost and Freight, Kostprijs en vracht

De verkoper c.q. de ontdoener contracteert het vervoer tot de haven van bestemming (exclusief lossen), en regelt een uitvoervergunning. De verkoper c.q. de ontdoener loopt het risico tot de scheepsreling in de haven van vertrek, hier ligt het Critical Point.

CIF, Cost, Insurance and Freight, kostprijs, verzekering en vracht

Deze leveringsconditie is gelijk aan CFR, alleen inclusief verzekeringsplicht voor de verkoper c.q. ontdoener tot de haven van bestemming. Het Critical Point ligt in de haven van vertrek bij het passeren van de afvalstoffen over de zeereling.


4. “Critical Point” goed vastleggen

Uit vorenstaande Incoterms volgt, dat iedere Incoterm feitelijk een eigen “Critical Point” heeft. Het “Critical Point”, het moment waarop het risico van de afvalstoffen overgaat van de ene partij op de andere partij zou samen moeten vallen met de eigendomsoverdracht van de ene partij naar de andere partij. In de praktijk blijkt echter dat de eigendomssituatie van afvalstoffen veelal niet contractueel geregeld is. Het overgaan van het “risico” van de afvalstoffen is iets anders dan een eigendomsoverdracht.

De eigendomsoverdracht moeten partijen derhalve nader contractueel overeenkomen. Dat kan door middel van een contract, waarin per individuele transactie van de verkoop en levering van afvalstoffen aparte afspraken worden gemaakt, of door middel van het vastleggen van de eigendomsoverdracht in algemene voorwaarden. De contractueel gemaakte afspraken dienen samen te vallen met de gekozen leverings- c.q. vervoersconditie zodat er geen discrepantie ontstaat tussen het moment van de risico-overgang en de eigendoms-overgang met alle gevolgen van dien.

Een veelgebruikte bepaling in algemene voorwaarden is de bepaling dat de eigendomsoverdracht van de afgevoerde afval- en reststoffen plaatsvindt, nadat de volledige acceptatieprocedure voor afvalstoffen is doorlopen en derhalve niet enkel op het moment van feitelijke afgifte. Echter, uit de diverse Incoterms blijkt dat op het moment van de feitelijke afgifte wel het risico van de afvalstoffen overgaat van de ene naar de andere partij terwijl die partij dan nog geen eigenaar is. Algemene voorwaarden worden vaak aangevuld met de bepaling dat indien blijkt dat de afvalstoffen niet overeenstemmen met de vooraf opgegeven opgave/omschrijving van de afvalstoffen het moment van acceptatie niet heeft plaatsgevonden. Na de acceptatie van de afvalstoffen door de koper is ook het risico van de afvalstoffen voor de koper. Indien er niets is vastgelegd zal de eigendom overgaan op het moment van het overdragen van het vervoersdocument dan wel op het moment dat de afvalstoffen feitelijk in het bezit van de ontvanger komen. Ontvangst van de betaling voor de afvalstoffen is daarvoor geen voorwaarde. Partijen kunnen in conflict komen met elkaar wanneer na de eigendomsoverdracht de afvalstoffen niet blijken te voldoen aan hetgeen vooraf tussen partijen was overeengekomen of wanneer een gepland transport niet kan worden voltooid. Partijen doen er verstandig aan om voor deze situaties contractueel nadere afspraken te maken, al dan niet in algemene voorwaarden of in een afzonderlijke overeenkomst.

Let wel: de levering die de eigendomsoverdracht bepaalt in het kader van de koopovereenkomst, staat niet gelijk aan de overdracht van de goederen op grond van de transportovereenkomst.

Verzekering

Dat geldt ook voor de verzekering van het transport van de afvalstoffen. Afhankelijk van het moment van de risico-overgang van de afvalstoffen dient de verkopende of de kopende partijen vaak een gedeelte van de reis van de afvalstoffen te verzekeren. De verzekering staat los van de vraag of een partij de eigendom van de afvalstoffen al overgedragen heeft gekregen. Indien echter bij aankomst van de afvalstoffen blijkt dat deze gedurende het transport beschadigd zijn, is het de vraag of dit is gebeurd tijdens het transport, op grond van een bepaalde Incoterm, dat voor rekening en risico van de verkopende partij was of van de kopende partij. De partij afvalstoffen kan daarmee letterlijk tussen wal en schip vallen. Partijen dienen hier voorafgaande aan de transactie rekening mee te houden en wellicht tot de conclusie te komen dat beter voor een verzekering gedurende het gehele traject gekozen kan worden teneinde discussie hierover te vermijden.

                       
Voetnoten
1. Over dit onderwerp is eerder een artikel van de auteurs verschenen in Weg en Wagen juni 2013, nummer 70.
2. Verordening (EG) nr.
1013/2006
, PbEU 2006, L 1909/1

                             
       





      h1, h2, h3, h4, h5 { font-weight: bold !important; } h1, h2, h3 { font-size: 18px !important; } h4, h5 { font-size: 16px !important; } Print Friendly and PDF
      30 september 2018


      Deel deze post
      ArchiEF

      Nederlandse Expeditievoorwaarden 2018
      Weg en Wagen 85 | Oktober 2018 | Jaargang 32