arrow close icon-chevron-left icon-chevron-right icon-twitter icon-facebook icon-linkedin icon-zoom icon-trash icon-user icon-cart icon-search icon-chat
douane
Douane Import, Internetaankopen

Internetaankopen en douane

Ook bij aankopen via internet gaan goederen langs de douane. Welke consequenties heeft dat voor koper, verkoper en vervoerder? En wie is aangifteplichtig? Behalve verplichtingen uit het Communautair Douanewetboek controleert de Douane ook op namaakprodukten met behulp van de Anti-Piraterij Verordening.

1. Inleiding

De handel op het internet groeit en bloeit. De in- en verkopen verplaatsen zich in steeds grotere mate van de traditionele winkels naar het internet. Waar de koper wellicht niet altijd weet van heeft is dat internet transacties ook in toenemende mate de interesse van de Douane autoriteiten hebben. Primair omdat de goederenstroom simpelweg toeneemt maar daarnaast ook omdat de handel op het internet een aangepast controle profiel vraagt. Met het eind van het jaar in het vooruitzicht neemt de goederenstroom van internet aankopen verder toe. Dit is mede een reden waarom de Douane in die periode meer waarschuwt voor het bestellen van goederen op het internet en ook meer controles uitvoert. In dit artikel ga ik nader in op een aantal aandachtspunten bij de aankoop van goederen (van buiten de EU) op het internet (door particulieren).

2. Bemoeienis Douane

In beginsel is de aankoop via internet voor wat betreft douanerechten niet afwijkend van de “normale” goederenstromen. Indien goederen afkomstig zijn uit het vrije verkeer binnen de EU, dan hoeft u geen invoerrechten te betalen. Let op, natuurlijk heeft u wel de verplichting om bij zo’n transactie te voldoen aan de verplichtingen in het kader van de omzetbelasting. Ontvangt u goederen vanuit een niet-EU land, dan dient u in beginsel douanerechten en omzetbelasting te betalen. Zendingen die een waarde hebben van minder dan 22 euro zijn vrijgesteld van douanerechten en omzetbelasting. Is de zending meer dan 22 euro maar minder dan 150 euro waard, dan betaalt u nog steeds geen douanerechten maar dient u wel omzetbelasting te voldoen. Heeft de zending een waarde van meer dan 150 euro dan dient de aangever zowel douanerechten als omzetbelasting te voldoen.

De waarde van de zending wordt in beginsel bepaald op basis van de factuur(waarde) die bij de zending dient te worden gevoegd. Dit op basis van artikel 29 e.v. van het Communautair Douanewetboek(1) (“CDW”). Afhankelijk van de omstandigheden kan de douane overigens een andere waardebepaling hanteren. Voor de hoogte van de te betalen douanerechten zijn voorts de indeling in de gecombineerde nomenclatuur van belang alsmede de oorsprong van de goederen.

3. Wie is de aangever?

Om de douanerechten (en omzetbelasting) bij invoer te voldoen dient er een aangifte ten invoer te worden gedaan. Indien de goederen door een vervoerder worden getransporteerd (bij internet verkopen is dat altijd aan de orde lijkt me) dan wordt de invoeraangifte in de regel gedaan door de vervoerder. In sommige gevallen schakelen vervoerders gespecialiseerde douane-expediteurs in, die de aangifte doen. De aangever dient zich er rekenschap van te geven dat de partij die de formele invoeraangifte (in het vrije verkeer brengen) doet, door de Douane wordt aangemerkt als de aangever. Dit wederom op basis van het CDW. Deze aangever is aansprakelijk voor de tijdigheid en de juistheid van de aangifte en het betalen van eventuele douanerechten en omzetbelasting.

Deze aangever is tevens verantwoordelijk voor het voldoen aan een aantal niet-fiscale eisen. Hierover hieronder meer. Bij het niet voldoen aan de wettelijke vereisten is de aangever aansprakelijk voor het voldoen van de douaneschuld maar ook voor eventuele opgelegde boetes en/of (strafrechtelijke) maatregelen. Hij heeft immers op eigen naam en voor eigen rekening de aangifte gedaan.

4. Aangifte en vertegenwoordiging

In de regel heeft de vervoerder in zijn algemene voorwaarden opgenomen dat schade die hij leidt doordat de douane (navorderings-) aanslagen oplegt op zijn opdrachtgever wordt verhaald. Ook in de jurisprudentie zien wij dat in zo’n geval meestal de opdrachtgever aansprakelijk gesteld wordt voor een aan de aangever opgelegde douaneschuld. Aan deze situatie kleeft echter het nadeel dat de douaneschuldenaar de partij is die de betalingsverplichting richting de Douane heeft. Vervolgens moet deze partij nog maar zien dat hij zijn geld bij zijn opdrachtgever terug krijgt. Deze situatie kan worden ondervangen door het gebruik van de figuur van de directe vertegenwoordiging. Deze optie is in het CDW vastgelegd en geeft de aangever de mogelijkheid om op naam en voor rekening van zijn opdrachtgever een aangifte te doen. Het voordeel hiervan is dat de handhaver een navorderingsaanslag bij de douaneschuldenaar, in dit geval de opdrachtgever van de vertegenwoordiger, zal opleggen. De partij die de aangifte feitelijk heeft uitgevoerd, de vertegenwoordiger, blijft buiten beeld en zal nooit een navorderingsaanslag ontvangen.

Gebruik van deze figuur vergt wel een door de opdrachtgever getekende volmacht. Dat is in de praktijk van de internethandel een lastige figuur omdat het ondoenlijk is om per transactie een volmacht te laten tekenen. Het verdient dan ook aanbeveling om de volmacht onderdeel te laten zijn van de overeen te komen algemene voorwaarden. Het vergt wel wat aanpassing en inregeling maar op die manier blijft de vervoerder/douane-expediteur wel buiten schot mocht het tot een navordering komen.

5. De niet-fiscale eisen

Als we naar de douanegevolgen van internethandel kijken moet ik constateren dat er eigenlijk voor wat betreft de zuivere fiscale douanerisico’s geen grote verschillen zijn met de traditionele handel. Vanuit de niet fiscale taken (ook VGEM-taken genoemd: Veiligheid, Gezondheid, Economie en Milieu) echter is er wel een significant groter risico. Bij aankopen via het internet zien we de laatste jaren de handel in artikelen die inbreuk maken op intellectuele eigendomsrechten (vooral namaakartikelen) significant stijgen. Dat is niet verwonderlijk immers via internet is niet te controleren of het om echte dan wel namaak goederen gaat. We zien in dit kader veel namaak in textiel, sportartikelen en elektronica maar bijvoorbeeld ook veelvuldig in geneesmiddelen.

De Douane controleert tevens op de invoer van namaak artikelen. Daarbij heeft zij (en met name de merkhouder) een sterk wapen: de “Anti-Piraterij Verordening”.(2) Deze Europese Verordening is recent vernieuwd en heeft rechtstreekse werking in alle Lid-Staten van de Europese Unie. In recente jurisprudentie (16 februari 2014) is door het Europese Hof van Justitie bevestigd dat de verordening tevens van toepassing is voor particuliere aankopen via internet.(3)

Deze verordening maakt het onder meer mogelijk dat houders van een intellectueel eigendomsrecht de douaneautoriteiten in de Europese Lidstaten verzoeken om op te treden. Dit gebeurt met een gespecificeerd verzoek waarbij de houder van het recht slechts summierlijk hoeft aan te tonen dat hij over een intellectueel eigendomsrecht beschikt.

Op basis van dit verzoek kunnen de douaneautoriteiten goederen ophouden die bij een controle worden aangetroffen en vermoedelijk inbreuk maken op een intellectueel eigendomsrecht. Daarnaast hebben de nationale douaneautoriteiten het recht om goederen ambtshalve (ex officio) op te houden. Als zo’n situatie zich voordoet, dan worden de houders van het recht geïnformeerd en in de gelegenheid gesteld om monsters van de goederen te inspecteren. Indien vervolgens niet binnen tien werkdagen een procedure wordt ingeleid (en/of beslag gelegd op de goederen) door de rechthebbende, moet de Douane de goederen weer vrijgeven. Op die manier heeft de merkhouder dus even de tijd om na te gaan of de goederen inbreuk maken op zijn recht en beschikt de koper niet over de goederen. Het zal duidelijk zijn dat een verzoek aan de douane om op te treden een zeer waardevol instrument is voor houders van intellectuele eigendomsrechten om te pas (en te onpas) op te treden tegen (vermeende) inbreukmakers op hun merkrechten. De Douane heeft in beginsel een goed zicht op de goederenstromen, zodat zo’n verzoek grote impact kan hebben. In onze praktijk zien we dan ook een gestage groei in het gebruik van deze zogenaamde “border-detentions”.

6. Internetaankopen en namaak

Wat is nou de relevantie voor internetaankopen? Allereerst is dat dus dat door de verzoeken tot ophouding die de grote merkhouders veelvuldig indienen, uw buiten de EU gekochte textiel, schoenen of elektronica wel eens door de douane kan worden gestopt. In dat geval wordt de aangever op de hoogte gesteld en die dient dan snel te handelen. In de praktijk merken wij regelmatig dat niet altijd adequaat wordt gereageerd op maatregelen in het kader van de Piraterijverordening.

De procedure is normaal gesproken als volgt: de Douane brengt de houder van het recht op de hoogte. Deze houders van rechten zijn veelal redelijk op de hoogte van de wetgeving (zij hebben immers het verzoek ingediend). De houder op zijn beurt stuurt een sommatie aan de “inbreukmaker” waarin hij meestal schadevergoeding en/of afgifte van de goederen (ter vernietiging) vordert.

Het is in dat geval belangrijk om zo spoedig mogelijk te reageren (met een betwisting) en duidelijk aan te geven dat er geen toestemming wordt gegeven voor vernietiging. De verordening voorziet namelijk in een bepaling dat indien niet binnen een termijn van tien dagen (of drie dagen bij bederfelijke goederen) na de kennisgeving verzet tegen afgifte ter vernietiging is ingesteld, verondersteld wordt dat geen bezwaar tegen afgifte ter vernietiging is gemaakt. De Douane gaat in dat geval, dus zonder de eigenaar van de goederen verder te informeren, over tot afgifte ter vernietiging. Met name bij buitenlandse partijen wil dit nog wel eens tot problemen leiden. Voor de expediteur een goede kans om zijn klant hiervoor te behoeden. Het is dus zaak altijd te reageren!

7. Conclusie

In beginsel brengt de aankoop en de invoer van goederen via het internet niet zo zeer specifieke douane-technische problematiek met zich mee. De vervoerder/douane-expediteur kan door handig gebruik van de juiste vertegenwoordigingsvariant wel bepaalde risico’s uitsluiten.

De argeloze koper op internet dient wel gespitst te zijn op de mogelijke gevolgen die de aankoop van namaakgoederen met zich kunnen brengen. De Douane controleert hier veelvuldig en streng op en als u niet alert reageert dan is uw aankoop al in de vernietigingsoven beland voordat u iets heeft kunnen doen om u daartegen te verzetten.

Voetnoten

1 Verordening (EEG) nr. 2913/92.

2 Verordening (EG) nr. 608/2013

3 EU Hof van Justitie, 6 februari 2014, zaak C‑98/13