arrow close icon-chevron-left icon-chevron-right icon-twitter icon-facebook icon-linkedin icon-zoom icon-trash icon-user icon-cart icon-search icon-chat
Afvaltransport
Afval Inzamelen volgens een route

Afval inzamelen volgens een route

Bij inzameling van afvalstoffen gaat het vaak om transport van A naar B. Maar bij inzameling van afvalstoffen kan het ook zijn dat een route wordt afgelegd om afval op te halen. Voor route-inzameling waarbij volgens een vooraf bepaalde route bij verschillende bedrijven kleine hoeveelheden gelijksoortige afvalstoffen wordt ingezameld die tijdens het transport bijeengevoegd worden, gelden enkele specifieke regels.

Afvalinzameling mag hoe dan ook niet zomaar. Artikel 10.45 van de Wet milieubeheer kent een verbod om bedrijfs- of gevaarlijke afvalstoffen in te zamelen tenzij degene die de afvalstoffen inzamelt een inzamelvergunning heeft en vermeld staat op de zogeheten VIHB-lijst. Op deze lijst staan inzamelaars, vervoerders, handelaars en bemiddelaars op het gebied van afvalstoffen. Dit gaat om natuurlijke en/of rechtspersonen.

1. Lijst

Om te kunnen worden geregistreerd op de VIHB-lijst moeten deze natuurlijke of rechtspersonen aan criteria voldoen. Deze criteria zijn uitgewerkt in de Regeling Inzamelaars, Vervoerders, Handelaars en Bemiddelaars van afvalstoffen. Voor de uitvoering van deze regeling is de Stichting Nationale en Internationale Wegvervoer Organisatie (NIWO) aangewezen.(1)

Bij inzameling van afgewerkte olie, klein gevaarlijk afval en/of scheepsreinigingsafvalstoffen is een inzamelvergunning nodig op basis van het Besluit inzamelen afvalstoffen. Deze vergunning wordt verstrekt door het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Deze vergunning leidt tevens tot registratie op de VIHB-lijst, zodat bedrijven met deze vergunning ook andere afvalstoffen mogen inzamelen.

Artikel 1 onder e van het Besluit bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen verstaat onder route-inzameling: “inzameling van bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen volgens een vooraf bepaalde route waarbij de afvalstoffen tijdens het vervoer worden samengevoegd met gelijksoortige afvalstoffen die worden afgegeven door verschillende personen.” Bij route-inzameling wordt de route dus wel vooraf bepaald.

Er bestaat overigens ook een zogenoemde inzamelaarsregeling, maar die is van toepassing bij 1-op-1-vrachten, waarbij geen kleine hoeveelheden afvalstoffen tijdens het transport bijeen worden gevoegd. In dat geval gaat het om grote hoeveelheden gelijksoortige afvalstoffen met een beperkt milieurisico, retourstromen waarvoor een goed innamesysteem bestaat en afvalstoffen, afkomstig uit bouw- en sloopactiviteiten. De aangewezen categorieën afvalstoffen staan vermeld in bijlage A van de ‘Regeling melden bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen. Deze inzamelaarsregeling blijft in dit artikel verder buiten beschouwing.(2)

2. Afvalstroomnummer

Bij route-inzameling heeft de inzamelaar de rol van ontdoener. De inzamelaar ontvangt per categorie afvalstoffen die door inzameling is verkregen, één afvalstroomnummer van de ontvanger. Het onder één afvalstroomnummer inzamelen geldt voor route-inzameIing van:

  • alle niet-gevaarlijke afvalstoffen,
  • afvalstoffen waarover afspraken zijn gemaakt in het kader van de producentenverantwoordelijkheid (te weten: batterijen en accu’s, elektrische en elektronische apparatuur en autowrakken),
  • scheeps(reinigings)afvalstoffen
  • klein gevaarlijke afval (voor zover genoemd in Besluit inzamelen afvalstoffen, artikel 1.1 onder c en afgewerkte olie in verpakking), in hoeveelheden van minder dan 50 kilogram per afvalstof per afgifte.

Alle andere afvalstoffen mogen ook in route worden ingezameld, maar dan moet voor iedere ontdoener per locatie van herkomst een apart afvalstroomnummer worden gebruikt. Wanneer de inzamelaar ook de rol van ontvanger vervult en de afvalstoffen naar zijn eigen inrichting brengt, hoort daar een eigen afvalstroomnummer bij. De inzamelaar moet altijd het afvalstroomnummer en het ontvangen gewicht aan de primaire ontdoeners doorgeven. Dit kan bijvoorbeeld via de factuur.

3. Begeleidingsbrief

De inzamelaar stelt bij toepassing van route-inzameling voor de gehele route één begeleidingsbrief op. Deze verplichting ligt oorspronkelijk bij de feitelijke (primaire) ontdoener, maar deze neemt de inzamelaar over. Bij ‘locatie van herkomst’ vult de inzamelaar een route of ‘diverse locaties’ van een bepaald herkomstgebied in (zoals bijvoorbeeld: wijk, gemeente, provincie of geheel Nederland). Op een aparte bijlage bij de begeleidingsbrief moet zijn aangegeven bij welke adressen daadwerkelijk is ingezameld. Bij huis-aan-huis inzameling kan met het noemen van de straat, wijk en/of gemeente worden volstaan.

De routelijst hoeft de inzamelaar bij afgifte van afvalstoffen niet af te geven aan de ontvanger. De routelijst moet wel in de administratie worden bewaard bij de doorslag met de weeggegevens en de handtekening van de ontvanger.

Wanneer afvalstoffen tijdens één rit bij meerdere locaties maar niet onder één afvalstroomnummer worden ingezameld, moet tijdens het transport voor elk afvalstroomnummer een aparte begeleidingsbrief aanwezig zijn. Ook moet de inzamelaar tijdens het transport aan kunnen tonen dat hij op de VIHB-lijst staat vermeld. Dit moet de inzamelaar doen door een door het NIWO gewaarmerkt kopie van het certificaat aanwezig te hebben tijdens het transport.

Bij de eerste ontvangstmelding wordt de inzamelaar vermeld als ontdoener. In het veld ‘Locatie van herkomst’ vult de ontvanger ‘Diverse locaties’ in. Daarnaast moet er een kruisje staan in het vakje route-inzameling. De verplichting om bij de eerste ontvangst ook het VIHB-nummer te vermelden geldt niet meer.

In de administratie van de inzamelaar moet op vrachtniveau een koppeling gelegd kunnen worden tussen het afvalstroomnummer en de afgifte door de ontdoener en de herkomst van de ingezamelde afvalstoffen. Dit kan door naast de overeenkomst met de ontdoener en facturen de volledig ingevulde begeleidingsbrief met de bijbehorende routelijst minimaal vijf jaar na afloop van hun geldigheid te bewaren.

4. Vervoerder

Op het moment dat het daadwerkelijke transport is uitbesteed aan een andere vervoerder, is de inzamelaar verplicht om deze te vermelden in vak 4a. Een vervoerder handelt in opdracht van een derde (ontdoener, ontvanger of bemiddelaar). Hij krijgt de afvalstoffen niet in eigendom, kan niet zelfstandig over de afvalstoffen beschikken en bepaalt niet zelf naar welke verwerker hij de afvalstoffen brengt. Een inzamelaar haalt afvalstoffen op bij degene die zich van afvalstoffen wil ontdoen. Hierbij gaat het eigendom van de afvalstoffen over van de ontdoener naar de inzamelaar. De inzamelaar kan vrijelijk over de afvalstoffen beschikken en bepaalt zelf naar welke verwerker hij de afvalstoffen brengt.

De specifieke regels voor route-inzameling houden verband met het belang van het kunnen houden van toezicht. Door het begeleidingsformulier blijft inzichtelijk waar afvalstoffen vandaan komen, wat de aard ervan is, wanneer en door wie de afvalstoffen worden vervoerd en waar deze worden verwerkt.

5. Einde van de route

In de rechtspraak heeft een zaak gespeeld waarbij ingeval van route-inzameling een tussenopslag in containers plaatsvond.

Daarbij kwam de vraag naar voren wanneer de route-inzameling eigenlijk eindigt. Het Openbaar Ministerie legde deze kwestie aan de strafrechter voor met de stelling dat bij een dergelijke tussenopslag, ook al duurt deze kort, de route-inzameling is afgelopen, zodat voor verdere afvoer van de opgehaalde afvalstoffen een nieuw begeleidingsformulier moet worden ingevuld.

Kennelijk was dit vraagstuk voor de rechter ook niet eenvoudig te beantwoorden; in eerste aanleg werd de route inzamelaar veroordeeld(3), maar in het hoger beroep tegen deze uitspraak volgde toch vrijspraak.(4)

De tussenopslag in containers in deze aan de rechter voorgelegde casus duurde hooguit 48 uur, waarbij de containers gesloten bleven. Daarna volgde het eindtransport naar de verwerker van de afvalstoffen, waarbij dus geen nieuw begeleidingsformulier werd ingevuld. Dat hoefde ook niet volgens het Gerechtshof. De hoger-beroepsinstantie vond dat de route-inzameling pas ten einde kwam nadat bij de verwerker het afval uit de containers werd gehaald. Een extra begeleidingsformulier zou dan nog eerder tot verwarring leiden en het inzicht in het transport van de ingezamelde afvalstroom vertroebelen.

Het Hof oordeelde: “Als een nieuw begeleidingsformulier nodig zou zijn voor het transport tussen het overslaan en het vervoer naar de eindverwerker, zou het juist veel ingewikkelder worden om de afvalstroom te kunnen volgen vanaf de route-inzameling.”

6. Voorwaarden

Op de website van het Landelijk Meldpunt Afvalstoffen zijn de voorwaarden voor route-inzameling na deze uitspraak van het Gerechtshof verduidelijkt.(5) Het tijdelijk parkeren mag alleen op afgesloten parkeerterreinen die zijn vergund of gemeld ingevolge het Activiteitenbesluit. Ook mag dit alleen in afgesloten wisselcontainers en mogen deze containers alleen in route ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen bevatten. Hoe dan ook moeten de containers gesloten blijven en mag de parkeerduur maximaal 48 uur bedragen.

Route-inzameling houdt dus wel wat meer in dan een rondje rijden langs verschillende adressen om afval op te halen.

Voetnoten

1 Emailadres: info@niwo.nl of telefoonnummer: (070) 399 20 11

2 Meer informatie over de inzamelaarsregeling is te vinden op www.lma.nl; deze website is ook gebruikt als bron voor dit artikel over route-inzameling

3 Rechtbank Midden-Nederland 17 maart 2015, niet gepubliceerd

4 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 28 december 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:10598

5 Zie ook: Wanneer stopt de route-inzameling?, mr S. Boot Vakblad Afval!, februari 2017, nr. 1