arrow close icon-chevron-left icon-chevron-right icon-twitter icon-facebook icon-linkedin icon-zoom icon-trash icon-user icon-cart icon-search icon-chat
Thema

Wat staat er in de wet over de vrachtbrief?

Welke wetten?

Op de vrachtbrief voor binnenlands vervoer zijn er twee wetten van toepassing. De Wet wegvervoer goederen met de bijbehorende Regeling wegvervoer goederen, en het Burgerlijk Wetboek (boek 8). 

Op de vrachtbrief voor grensoverschrijdend vervoer is het CMR-verdrag van toepassing. 

In aanvulling op het CMR-verdrag en het Burgerlijk Wetboek worden meestal ook de AVC (algemene voorwaarden) toegepast. Op de vrachtbrief wordt dan naar de AVC verwezen.

1. Wet / Regeling wegvervoer goederen

Deze wet/regeling zijn bedoeld ter ordening van de sector beroepsvervoer. De vrachtbrief is verplicht gesteld op straffe van een boete.

Artikel 2.13 van de Wet wegvervoer goederen stelt gebruik van de vrachtbrief verplicht bij binnenlands beroepsvervoer (dus geen eigen vervoer), met vrachtauto's met een laadvermogen van meer dan 500 kg. Ook is geen vrachtbrief verplicht bij a. levende dieren; b. landbouwproducten van de teeltplaats naar de veiling en van tot dit vervoer gebezigde ledige verpakkingsmiddelen van de veiling naar de teeltplaats; c. inboedels; d. losgestorte goederen, of e. postzendingen.

Artikel 15.1 van de Regeling wegvervoer goederen vermeldt welke gegevens op de vrachtbrief moeten worden vermeld. Daarnaast mag je ook andere gegevens of instructies op de vrachtbrief zetten. De verplichte gegevens zijn: a. de naam en het adres van de afzender; b. de naam en het adres van de vervoerder; c. de naam en het adres van de geadresseerde; d. de gebruikelijke aanduiding van de aard van de goederen; e. het brutogewicht of de op andere wijze aangegeven hoeveelheid van de goederen. 

2. Burgerlijk wetboek, boek 8 

De bepalingen in boek 8 BW geven regels voor de vervoerovereenkomst van goederen over de weg. De vrachtbrief heeft in deze wet de functie om de afspraken uit de vervoerovereenkomst vast te leggen in een document. De vrachtbrief speelt een grote rol in de overdracht van de goederen, eerst van afzender naar vervoerder, eventueel ook van vervoerder naar vervoerder, en tenslotte bij aflevering van vervoerder naar geadresseerde. Door de vrachtbrief te ondertekenen en (eventueel) een voorbehoud te maken ontstaat een document, dat als bewijs gebruikt kan worden in geval van schadeclaims.

Artikel 8:1119 lid 2 BW vermeldt welke gegevens in ieder geval op de vrachtbrief moeten komen te staan: a. afzender; b. de goederen; c. plaats van inontvangstneming; d. plaats van aflevering; e. geadresseerde; f. vervoerder; g. wat afzender en vervoerder ook nog willen vermelden.

3. CMR-verdrag

Het CMR-verdrag is in de 56 lidstaten geldig. Het verdrag is dwingend recht en zet dus nationale wetten, die over hetzelfde onderwerp gaan, opzij. Het verdrag regelt de internationale vervoerovereenkomst. Het verdrag geeft met name regels voor de vrachtbrief en voor de aansprakelijkheid van de vervoerder. Wij adviseren om in aanvulling op het CMR-verdrag ook de AVC van toepassing te verklaren, omdat veel praktische zaken niet in het verdrag zijn geregeld, bijvoorbeeld laden en lossen, retentierecht.

In artikel 6 lid 1 CMR staat welke onderwerpen moeten worden vermeld op de vrachtbrief: a. plaats en datum van het opmaken van de vrachtbrief; b. afzender; c. vervoerder; d. plaats en datum van inontvangstneming; e. plaats van aflevering; f. geadresseerde; g. aard van de goederen en verpakkingswijze en benaming van eventuele gevaarlijke stoffen; h. aantal colli; i. brutogewicht of hoeveelheid; j. kosten van het vervoer; k. instructies voor douane; l. de aanduiding dat het vervoer, ongeacht enig tegenstrijdig beding, is onderworpen aan de bepalingen van dit Verdrag.

In lid 2 van hetzelfde artikel staan onderwerpen, die alleen vermeld moeten worden indien van toepassing: a. het verbod van overlading; b. de kosten, welke de afzender voor zijn rekening neemt; c. het bedrag van het bij de aflevering van de goederen te innen remboursement; d. de gedeclareerde waarde der goederen en het bedrag van het bijzonder belang bij de aflevering; e. de instructies van de afzender aan de vervoerder voor wat betreft de verzekering der goederen; f. de overeengekomen termijn, binnen welke het vervoer moet zijn volbracht; g. de lijst van bescheiden, welke aan de vervoerder zijn overhandigd.

In lid 3 van hetzelfde artikel wordt nog vermeld, dat de partijen in de vrachtbrief iedere andere aanduiding, welke zij nuttig achten, kunnen opnemen.